Tweede slag om Melle - Kwatrecht - 9 tot 11 oktober 1914

Citadelpark Gent

Buskruitfabriek Cooppal Wetteren

Vliegvelden WO I Regio Gent

WO I Munitiepark Kwatrecht

De Dodendraad

De Hollandstellung - Duitse WO I bunkerlinie

Reichsschüle Flandern - SS-School Kwatrecht

Duitse Atlantic Wall Radarpost - Goldammer

WOI en II Munitiedepot De Ghellinck Zwijnaarde

Duitse gangen onder centrum Gent WOII

Schuilplaatsen voor havenarbeiders Gentse kanaalzone uit de koude oorlog

Het Fort van Eben Emael

KW-linie

WO I - Kwatrecht - Melle

18 daagse veldtocht gekoppeld aan TPG

Neergestorte B17 te Kwatrecht 19-09-1944

De bevrijding WO II van de regio rond TPG

Toestand Belgisch leger ten tijde van mei 1940

Gesneuveldenlijsten:

Contact en onbeantwoorde vragen

Media-aandacht

Copyright

Links

Kwatrecht - Melle een tweede keer het terrein voor hevige strijd, 9 tot 11 oktober 1914.

  • In de periode na de gevechten van 7 september 1914 te Kwatrecht-Melle kwam de streek wat in een niemandsland terecht. Er was geen echte bezetter aanwezig, niet de Belgen, niet de eerder doorgetrokken Duitse troepen. In het eerdere oorlogsgebied probeerde men de meest dringende schade te herstellen en het gewone leven opnieuw op te nemen nadat het grootste ramptoerisme was verdwenen.
  • Met dit niemandsland samenlopend worden er voortdurend Duitse patrouilles gesignaleerd in de regio Aalst, Erpe en de steenweg Aalst - Gent. Er was nog altijd een Belgisch kantonnement van Jagers - Cyclisten van de Brusselse Burgerwacht in de zone tussen Kwatrecht en Gontrode. Zij proberen met dagelijkse patrouilles van tientallen kilometers in volle uitrusting deze Duitse patrouilles te onderscheppen maar het komt nooit tot echte treffens.
Vrouwen proberen tussen het puin van hun afgebrandde huisjes nog enig waardevols te recuperen. De foto is genomen in één van de uitgebrande huizen op Melle (Foto: Boek P. Neirinck)
  • Nacht van 24 op 25 september 1914. De streek wordt nogmaals overvlogen door een Duitse Zeppelin.
  • 25 September 1914. Te Aalst is de 37e Landwehr-Infanterie Brigade gearriveerd. Hun verkenners komen opnieuw te Oordegem in een treffen met de Belgische 4e Brigade bestaande uit Belgische vrijwilligers. In het vuurgevecht dat ontstaat dienen de Belgen het onderspit te delven en terug te trekken. Als tegenreactie wordt door de Duitsers de Gendarmerie te Oordegem totaal vernield waarna ze zich via Erondegem terugtrekken.
  • Rond deze periode worden ook Belgische Cavaleristen in de regio gesignaleerd. Zij waren per spoor verplaatst naar Gent en dienden zich voor te bereiden op een nieuwe poging van de Belgen om de rechter flank van Antwerpen opnieuw te proberen ontzetten van de Duitsers.

Vluchtende Aalstenaars proberen Gent te bereiken. Op de achtergrond goed herkenbaar de oude tramstatie te Oordegem. (Foto: Replica). Deze foto wordt vaak foutieveijk aan Aalst gekoppeld. De foto dient ook in deze periode gesitueerd te worden. Aan de overzijde van de weg zie je trouwens Belgische artilleristen in dezelfde richting te paard doortrekken. Linksboven een oude postkaart van dezelfde tramstatie (Foto: Replica). Rechtsonder dezelfde locatie nu (Google Streetview).

  • 27 September 1914. De aanwezige Belgische troepen weten Aalst in elk geval tijdelijk terug te winnen op de Duitsers. Deze laatste hebben wel opnieuw volledig de spookstad Dendermonde ingepalmd maar er zijn geen intacte bruggen meer over de Schelde. De Belgen weten nog altijd deze massale oversteek te vermijden.
De laatste Belgische troepen trachten nog kort Aalst in handen te houden maar moeten snel nadien de stad toch prijs geven aan een overmacht van Duitsers. De oude foto is genomen in Molenstraat te Aalst, let op de ramen op het eerste verdiep van de oude gebouwen, deze zijn nog altijd identiek. (Foto links: Replica - Foto Rechts: Google Streetview)
  • 30 September 1914. Vanuit de stelling Antwerpen die geleidelijk aan ontruimd wordt door de Belgische en geallieerde troepen, worden massaal voorraden en 20000 gewonden per trein geëvacueerd. Resterende voorraden werden zoveel mogelijk vernield en de forten zoveel als mogelijk onbruikbaar gemaakt op het ogenblik dat ze in Duitse handen dreigden te vallen.
  • 2 Oktober 1914. De Duitsers zijn weten door te breken en hebben Hofstade, Erpe en Haaltert in handen. De Belgische Cavallerie bevindt zich nog altijd grotendeels te Wetteren. Zij worden mee ingeschakeld om te verhinderen dat de Duitsers op de plaatsen waar vroeger bruggen waren (Schoonaarde en Uitbergen) de Schelde massaal zouden weten over te steken. De brug in Schoonaarde was echter maar gedeeltelijk vernield en daardoor een zwak punt in de te verdedigen stelling.
  • 4 Oktober 1914. De Duitsers zetten een massale aanval in op wat nog rest van de brug van Schoonaarde. Er wordt ter plaatse grote schade aangericht door Duitse artillerie.
  • Te Saint Denis (FR) vertrekken per trein Franse Vlootfusiliers naar Dunkerque (FR). Zij worden vervoerd in lege beestenwagens om daar nieuwe legereenheden op te bouwen.
  • 5 Oktober 1914. De aanwezige Lansiers (cavallerie-eenheden) en soldaten van de 13e Linie kunnen hun posities niet meer behouden tegenover de Schelde te Schoonaarde. Er volgt zelfs een foutief bombardement op Wichelen dat allicht wordt verward met Uitbergen. Te Schoonaarde wordt een Teer- en Naftafabriek in brand geschoten wat een gigantische rookkolom veroorzaakt.
Links een blik op de gedeeltelijk vernielde brug te Schoonaarde. Op de achtergrond enorme rookkolommen van een Teer- en Naftafabriekje dat door de Duitsers in brand werd geschoten. (Foto links: oude krant uit die tijd - Rechts: Google Streetview).
De Duitse belegering van het Antwerpse Reduit National kort voor de val. (Bron: Replica)
  • nacht van 6 op 7 oktober. Ondertussen had het nationaal Reduit Antwerpen stand gehouden. Door echter voortdurende zware artilleriebeschietingen, was de toestand van de Antwerpse forten eveneens onhoudbaar geworden. Daarom werd beslist in deze nacht de terugtocht van Antwerpen aan te vatten tot achter de IJzer. Omdat deze vesting nu vroeger dan verwacht verlaten werd, werd beslist de Duitse overmacht nogmaals een halt proberen toe te roepen ergens in het gebied tussen Leie en Schelde. Dit was nodig om de Belgische troepenmacht, die hals over kop zou moeten een veilige haven zien te bereiken, de kans te geven de nieuwe geallieerde stelling achter de IJzer te bereiken. Men wist dat de Duitse aanvaller bij het verlaten van de stelling Antwerpen door de Belgische troepen, er alles aan zou willen doen de terugtrekkende Belgische troepen, te onderscheppen en definitief gevangen te nemen of uit te schakelen.
  • Ondertussen waren in Dunkerque (FR) de eerder in Saint Denis (FR) vertrokken vlootfusiliers aangkomen. Al snel kregen zij de opdract in Dunkerque de treinen niet te verlaten. Hun opdract werd al opnieuw gewijzigd en ze dienden door te rijden in de richting van de Belgische stellingen te Antwerpen.
  • Omdat door de val van Antwerpen, deze troepenbeweging nutteloos werd, zagen de geallieerde leiders in deze Franse Vlootfusiliers, het perfecte middel om de Duitsers tijdelijk proberen op een tussenfront blok te zetten. Het geallieerde oog viel jammer genoeg opnieuw op het gebied Kwatrecht - Melle.
  • Er werd beslist dat deze Mariniers samen met het Belgische garnizoen Clooten en de 7e Britse Divisie deze taak zouden moeten zien uit te voeren. Dit Garnizoen Clooten was ondertussen al fel gewijzigd qua samenstellende eenheden. Dit bestond op dat moment uit 8 eskadrons Cavalerie, de 4e Brigade van Generaal Scheere, een brigade vrijwilligers, 2 Linieregimenten en mogelijks nog een eskadron Gendarmen.
  • Hun opdracht zou er in bestaan de Duitsers voor minimum 48 uur op te houden van hun verdere achtervolging van de vluchtende Belgen. Een bijkomend probleem was wel dat ook de Britse 7e Divisie nog zou worden toegevoegd aan deze vertragingsopdracht maar deze dienden per schip nog altijd toe te komen in Zeebrugge. In eerste instantie was men dus enkel zeker van de aanwezigheid van de Fransen en misschien hier en daar wat gerecupereerde Belgische troepen.
  • De totale bezetting van deze mariniers omvatte 170 officieren en 6.500 mariniers. De Mariniers omvatten in totaal 2 Regimenten met elk 3 Bataljons. Allen waren deze uitgerust met onder andere zware mitrailleurs. Daarnaast zaten er bij deze 6.500 mariniers, ongeveer 1.400 Sjakos. Dit waren Franse scherpschutters. Naast deze 2 Bataljons was er ook nog een compagnie Mitrailleurs met 32 mitrailleurs.
  • De leeftijd van deze mariniers was in het algemeen zeer jong en varieerde tussen de 18 en 20 jaar. Enkel de meer ervaren scherpschutters bleken ouder. Melle zou meteen ook de vuurdoop worden voor wat Wereldoorlog I aanging voor deze vlootmariniers.
  • 7 Oktober 1914. Het garnizoen van Fort 4 verliet als laatste de Antwerpse vesting. Het trok over de Schelde en liet daarbij de laatste bruggen de lucht in vliegen.
  • De Belgische troepen die als laatsten Antwerpen verlieten (2e Divisie) krijgen een sterk opgejaagde terugtocht te verwerken. De Duitsers zitten hen namelijk zeer kort op de hielen maar gelukkig weet het grootste gedeelte toch nog ongedeerd, zonder gevangenneming, veilig te ontkomen.
Het moet ook rond dezelfde periode zijn dat dat er nog heel wat Belgische troepen en onder andere ook bepaalde artillerie-eenheden toekomen op de Wetterse Markt waar er even halt wordt gehouden bij hun terugtocht op de IJzer. (Foto's: Replica)
Schets met daarop de wijze waarop de Duitse troepen de vluchtende Belgen proberen te vatten. De grote massa trok noordelijk van de Schelde richting Gent. Een gedeelte boog echter komende van Lokeren zuidwaarts om via een noodbrug te Schoonaarde de Schelde over te steken. Deze troepen stoten te Kwatrecht - Melle om Franse Vlootfusiliers die als opdracht kregen de achtervolgende Duitsers minimum 48 op te houden zodat de Belgen veilig de IJzer zouden weten te bereiken. (Schets: Replica)
Franse Vlootfusiliers te Melle
Franse Vlootfusiliers te Melle
2 foto's van de Franse Vlootfuseliers net na hun aankomst te Melle in oktober 1914 - (Foto boven: forumeerstewereldoorlog.nl - Foto onder: www.bunkergordel.be).
  • Donderdag 8 oktober 1914.
  • Ondertussen hebben de Duitsers te Antwerpen het fort van Broechem vernietigd. Ze zijn reeds over de rivier de Nete geraakt. Men is begonnen de tweede verdedigingsgordel van Antwerpen aan te vallen. Enkel de forten van Liezele en Breendonck blijken nog enige weerstand te kunnen bieden.
  • Om 10 uur 's morgens kruisen in het station van Torhout de treinen met de Franse Vlootfusiliers deze van de Belgische Karabiniers. Deze laatste waren op hun terugtocht naar de IJzer vanuit de vesting Antwerpen die geleidelijk aan werd verlaten. De Franse mariniers hadden op dat moment nog altijd geen weet van hun gewijzigde opdracht en de situatie in Antwerpen.
Amiral Ronarch
Franse Vlootfusiliers bij hun aankomst in Gent (Foto: forumeerstewereldoorlog.nl)
  • Pas bij hun tussenstop in Gent, wordt de Admiraal ingelicht van hun gewijzigde opdracht. Hij krijgt er zijn instructies over hoe de Fransen hun stellingen moeten aansluiten bij de terugtrekkende Belgische troepen.
  • De originele 6 divisies die de verdediging van Antwerpen op zich namen zouden als volgt terugtrekken:
    • 2 van de 6 divisies zijn ten westen van het kanaal Gent-Terneuzen geplaatst. 3 anderen in het oosten ervan.
    • De Belgische Cavalerie dekt ten zuiden van Lokeren de terugtocht naar de Schelde.
  • De Franse Vlootfusiliers zullen de nacht doorbrengen in de Leopoldkazerne te Gent, het Gents Circus nabij de Sint Pieters Nieuwsstraat en het Vlaams Theater (allicht NT Gent).
  • In de loop van de avond komt de laatste van 7 treinen met Franse Vlootfusiliers aan te Gent. De Franse soldaten worden door de Gentse bevolking warm onthaald.
  • Als de Belgische burgerwacht Wetteren verlaat, wordt ook de brug van Wetteren bij hun vertrek opgeblazen.
  • Vrijdag 9 Oktober 1914.
  • In de loop van de nacht hadden de laatste Belgische troepen en de Britten Antwerpen verlaten. Bij hun vertrek hadden ze de laatste bruggen over de Schelde mee opgeblazen om enige voorsprong op de Duiters te weerhouden. Zij probeerden in geforceerde marche uit de handen van hun Duitse achtervolgers te blijven. Zij trokken richting Sint Niklaas.
  • Om 4u45 zetten te Gent, Franse Vlootmariniers een voettocht aan in de richting van Melle, waar ze stelling zullen nemen. Ze kunnen hierbij gebruikt maken van verschansingen die reeds waren opgetrokken bij de eerste gevechten te Melle door de Belgische troepen (een maand eerder). De structuren en opgetrokken stellingen volgen grotendeels de verdedigingslinie die later werden uitgewerkt tot de structuur van Bruggenhoofd Gent. (Bruggenhoofd Gent zou pas gebouwd worden in 1935-1937).
  • De te verdedigen stelling wordt bezet door de Franse Vlootfusiliers onder leiding van Admiraal Ronarch en de Gentse Garnizoenstroepen onder leiding van generaal Clooten. Deze garnizoenstroepen bestonden uit 8 schamele eskadrons Cavalerie, een brigade Mixte, een brigade vrijwilligers en twee Linieregimenten. Dit kwam neer op een 6000 tal geweren.
  • Een deel van het 2e Regiment Franse fuseliers stelt zich op tussen Kwatrecht en Gontrode. Zij laten nog een bataljon in reserve ten noorden van Melle.
  • Een deel van het 1e Regiment Franse fuseliers stelt zich op tussen Heusden en Goudenhand (in de buurt van de huidige afrit R4 in Destelbergen). Zij laten een reservebataljon achter te Destelbergen.
  • Zelf houdt de admiraal nog 2 bataljons en één compagnie mitrailleurs over voor het bezetten van de directe gevechtzone.
  • De Belgen zelf stellen zich op tussen Lemberge en Schelderode.
  • De Artillerie van de 4e Brigade Mixte stond opgesteld in de buurt van de Lindenhoek te Melle. Zij konden gans de Scheldevlakte en de meest belangrijke kruispunten in de buurt bestrijken met vuur.
  • De stellingen op te trekken tussen de Schelde en de Leie (Eke tot Astene), zou verdedigd moeten worden door de nog te arriveren 7e Engelse divisie die op dat moment nog altijd niet was aangekomen te Zeebrugge.
  • Ambulancewagens horende bij de Franse Fuseliers bleven voor Gent beschikbaar om eventuele gewonden af te voeren.
  • Ondertussen rukten reeds de eerste Duitse Divisies op in de richting van Gent, komende vanuit de verlaten stelling Antwerpen. De Duitse 4e Ersatzdivisie, de 1e Reserve-Ersatzdivisie en de Beierse 1e Landwehrbrigade waren te Schoonaarde de Schelde overgestoken. Ook aan Belgische kant kwam men dit reeds te weten door terugtrekkende Belgische Cyclisten die ze nog zelf hadden zien beginnen de Schelde oversteken. Er werden via verkenners Duitse naderende troepen gesignaleerd komende van Lokeren en van Aalst.

Een zeer vaak terugkerende foto is deze van drie vlootfusiliers en een jongere vrouw in wat zou moeten doorgaan voor het beschoten centrum van Melle. Dit kan echter onmogelijk Melle zelf zijn daar er tot op heden in Melle amper woningen te vinden zijn met 2 verdiepingen, laat staan in een dergelijke lintbebouwing. De enige straat die hier in de nabijheid gelijkenis mee vertoont is de Landjuweelstraat in Gentbrugge. Dit zou al beter kunnen kloppen als je weet dat ze noordelijk van Melle nog een reserve bataljon achterlieten. (Oude foto links: Replica - Foto rechts: Google Streetview)

  • 9 uur. Te Massemen komen rond dit uur opnieuw Duitsers toe. Het dorp was zo goed als leeggelopen op enkelen die niet wilden vertrekken (allicht voorgaande gevechten in het achterhoofd) na. Ter hoogte van de Lambroek worden deze Duitsers een eerste keer beschoten, vermoedelijk door Franse verkenners die te Kwatrecht - Melle posities hadden. Sommigen spreken over Belgen maar dit is op dit moment van de strijd zeer onwaarschijnlijk.
  • Door dit schermutseling waren deze Duitse troepen meteen opnieuw opgesmeten en belust op wraak Praktisch ogenblikkelijk beginnen ze huizen (die meestal leegstonden) te doorzoeken. Ter hoogte van de Blekerij te Massemen stoten ze op een burger van 23 jaar, Remi Monsecour, die daar ter plaatse wordt neergeschoten. Te Massemen vinden ze nog 2 broers Bauwens die weigerden te vluchten. Zij worden gevangen genomen en meegenomen richting Kwatrecht. De rest van de huizen te Massemen blijken verlaten. Ook te Kwatrecht worden nog een tiental mensen in een kelder gevonden. Deze nu in totaal 12 personen worden opnieuw zoals in september voor de Duitse soldaten uitgedreven met de handen boven het hoofd, als levend schild. Om te verhinderen dat ze zouden vluchten werden de knopen van hun bretellen gesneden zodanig dat ze verplicht waren met één hand hun broek op te houden en het andere boven hun hoofd te steken.
  • 11 uur. Op dit moment krijgen deze Duitse troepen die kwamen uit de richting van Aalst, Kwatrecht binnen met voor zich de vooruitgedreven burgers. Wanneer zij in de nabijheid komen van de spoorwegovergang te Kwatrecht worden zij enorm verrast door de hinderlaag met mitrailleurvuur van het 2e Franse Regiment Fuseliers die zich heeft opgesteld voor de spoorwegovergang te Kwatrecht (huidige viaduct, toen nog op hetzelfde niveau als de weg). Bij dit eerste contact vallen 6 van de gegijzelfde burgers en bijkomend heel wat Duitsers. De Duitsers zoeken in allereil dekking en wachten op versterking. Er worden opnieuw massaal huizen in brand gestoken op de grens van Kwatrecht en Melle in de nabijheid van het station te Kwatrecht.
  • Weldra start een heen en weer vuren van Duitse en Belgische artillerie. Ongelukkig stond de Belgische artillerie te hoog ingesteld waardoor ze weinig schade aanrichten aan Duitse kant.
  • De Duitsers beginnen zich in te graven omdat zij niet weten hoe groot het leger is dat zij voor zich hebben.
  • De Duitsers proberen echter al snel de lijnen te breken. De aanvallen zijn zo talrijk dat de reservetroepen ten noorden van Melle moeten ter hulp geroepen worden.
  • De Duitsers weten op 800 meter van de geallieerde loopgraven een stuk veldgeschut op te stellen. De eerste 3 schoten zijn echter te hoog gericht en vliegen los over de Franse stellingen. Nog voor het vierde schot gelost wordt, wordt het stuk geschut definitief uitgeschakeld door in dit geval goed gerichte Belgische artillerie en Frans geweervuur. Alle bedieners worden gedood en uitgeschakeld net zoals de paarden die bij de gespannen hoorden voor het kanon.
Oude Duitse postkaart met Franse Vlootfusiliers opgesteld te Melle. In werkelijkheid dient u ze te situeren ter hoogte van Gontrode kerk (op achtergrond zichtbaar). De Vlootfusiliers liggen opgesteld tegen een toen nog hogere berm langs de Kerkwegel. Op de voorgrond van de actuele foto, de Geraardsbergsesteenweg. Het rode huis (alhoewel het niets meer te zien heeft met de witte hoeve op de foto) ligt allicht ongeveer op dezelfde plaats van de hoeve toen. (Oude foto links: Replica - Foto rechts: Google Streetview)
  • Om 18 uur valt de eerste aanval stil. Aan geallieerde kant zijn de verliezen zeer beperkt. Beide kanten van het front blijven echter aandachtig hun stellingen bewaken. In de velden ontstaat een nevel die de Duitsers de kans geeft te hergroeperen en stelling te nemen achter alles wat hier bruikbaar voor is. Dit konden zowel huizen als hagen zijn.
  • Het wordt een zeer donkere nacht. Enkel boven Kwatrecht hangt een rode gloed omdat de Duitsers daar twee hoeves in brand hebben gestoken.
  • Tussen 21 en 23 uur (onduidelijk) barst een nieuwe zware Duitse aanval los. Hij wordt gestart met het afvuren van een roze vuurpijl boven de Duitse stellingen. De Duitse soldaten proberen krioelend via grachten, tussen huizen en heggen, de stellingen van de Franse Fuseliers te bereiken. Er wordt van Franse kant hevig geschoten met handwapens en zware mitrailleurs op alles wat beweegt. Er sneuvelen ontzettend veel Duitsers maar deze gooien voortdurend nieuwe soldaten als kanonnenvlees in de vuurlijn.
  • De overmacht wordt hierdoor voor de geallieerden te groot. Er wordt beslist Gontrode te ontruimen en terug te trekken tot achter het spoorwegtalud. Deze terugtrekking kost aan verschillende Fransen het leven waaronder ook aan de Franse Scheepsluitenant Le Douget die bij het terugtrekken op de spoorlijn een kogel in het hoofd kreeg.
  • Vanuit deze nieuwe stelling achter de spoorlijn zijn de Fransen echter veel beter gepositioneerd dan de Duitsers.
  • Zaterdag 10 Oktober. 's nachts.
  • De Duitsers proberen voortdurend dichterbij te sluipen bij de Franse stellingen achter de spoorwegtalud. Hierbij proberen ze de stellingen tot een 40 tal meter te naderen. Zo laten ze zich in het duister in de nabijheid van wegen rollen op de rijweg om daar te blijven liggen.
  • Eenmaal hun aantal op die wijze was aangegroeid tot een honderdtal man, volgde een fluittoon en stormden ze allen samen met de bajonet op het geweer, met doodsverachting op de Fransen af die verscholen zaten achter het spoorwegtalud.
  • Tot 7 maal toe weten de Fransen in deze nacht dergelijke aanvallen af te slaan. Hierbij worden massaal Duitsers neergemaaid met machinegeweren opgesteld bij de Franse stellingen. De Fransen hadden zelf het lef de Duitsers eerst echt dichtbij te laten komen alvorens het vuur te openen. Een kwestie om kogels te sparen, luidde de officiële reden.
  • Nadat de aanvalsgolf lijkt te stoppen weten de Fransen zelfs enkele tegenaanvallen uit te voeren waarbij de Duitsers volledig worden teruggedreven.
Tweede slag bij Melle 1914
Franse prentkaart met herdenking heroïsche slag bij Melle in 1914 (Prent: Replica)
  • Rond 4 uur. Er blijkt door de massale Duitse aanvallen nog weinig orde te zitten in de nog aanwezige Duitse steunpunten. Franse mariniers komen uit hun stellingen met de bajonetten op het geweer om de nog aanwezige Duitsers terug te drijven. Nogal wat nog aanwezige Duitsers vluchten hierbij weg uit hun op dat moment nog bezette stellingen.
  • Rond 7 uur. Een verkenningspatrouille stelt vast dat volledig Gontrode en Kwatrecht ontdaan zijn Duitsers. De Duitsers lieten zelfs hun gewonden achter en voor de linies lagen ook nog een hondertal gesneuvelde Duitsers.
  • Ondertussen is de Britse 7e Divisie aangekomen te Gent onder leiding van generaal Cappers. Zij vervoegen samen met nieuwe Belgische soldaten de Fransen die al dapper stand hadden gehouden. De Britten dienen posities in te nemen tussen de Schelde te Eke en de Leie te Astene.
  • Er wordt algemeen opdracht gegeven de Schelde-Leie stelling te behouden.
  • 9 uur. Bij de Zusters van Liefde te Kwatrecht (huidige MPI) ontfermt men zich over een gewonde Duitser en een aantal burgerslachtoffers die men net buiten de gebouwen vindt.
  • Rond de middag. Er volgt een dusdanig zware Duitse aanval op de stellingen dat men opnieuw verplicht is zich terug te trekken tot achter de spoorwegberm. Er wordt van daaruit door de Fransen opnieuw een tegenaanval uitgevoerd, ondersteund met hevig mitrailleurvuur. Opnieuw moet de Duitse aanvaller het onderspit delven. Voor de rest van de dag en de komende nacht blijft alles rustig.
  • Te Massemen wordt een landbouwer Camiel De Bruycker uit Kwatrecht die het waagde zijn dieren te gaan voederen op de Vurst te Massemen gevangen genomen door de Duitsers. Hij wordt meegenomen en ter plaatse op een stuk land langs de steenweg geëxecuteerd.
  • Zondag 11 oktober 1914, namiddag. Ondanks dat er geen nieuwe Duitse aanvallen meer zijn geweest wordt de algemene opdracht gegeven de stellingen te ontruimen. De Duitsers zijn bezig zulke zware versterkingen aan te brengen dat het onbegonnen zaak zal zijn de stelling te behouden met 6.000 geallieerde fuseliers. De Duitse tegenstander zou ondertussen klaar staan voor een tegenaanval met een legermacht van 45.000 soldaten.
  • Uiteindelijk had de stelling te Melle gedaan wat moest gebeuren. De troepenmacht uit Antwerpen moest twee dagen de tijd krijgen om veilig terug te trekken tot achter de IJzer. Ze kregen uiteindelijk 62 uur.
  • Vanaf 17uur. Eerst begonnen de Belgen aan hun terugtocht. 2 uur later werden zij gevolgd door de Franse Vlootfusiliers. Om 21 uur trokken ook de Britten door richting IJzer.
  • De Fransen betreuren bij deze twee dagen van strijd 9 doden en 39 gewonden. Eén fusilier bleef vermist.
  • De Duitse dodentol bij deze gevechten in oktober, dienen allicht te worden geschat in de grootte-orde van 200 man. Tevens zouden er ook nog zeker 50 Duitsers gevangen genomen zijn.

Het veldgraf van een Duitse officier langs de steenweg te Melle anno 1914, vermoedelijk reeds op de lokatie van het latere kerkhof (Foto: De Oorlogsklok)

  • Deze hoofdzakelijk Franse vertragingsopdracht diende origineel 48 uur tijd te gunnen aan de terugtrekkende Belgen. Het werden er uiteindelijk 62.
  • Het Belgische leger zou zonder teveel hinder zijn nieuwe stellingen kunnen bereiken op 15 oktober 1914 en hun deel van de stellingen verdedigen binnen het ganse geallieerde te verdedigen front aan de IJzer.
  • De Duitsers zouden na Kwatrecht - Melle eveneens vrij spel krijgen de achtervolging in te zetten, richting IJzer. Zij bereiken dit eveneens op 17 oktober 1914 en geraken vanaf dan ook opnieuw in hevige aanvallen betrokken tegen de daar opgestelde geallieerde legers.
  • Vanaf dan kreeg de IJzerstelling tot 31 oktober 1914 dagelijkse aanvallen te verwerken.
  • Op 1 november 1914 wordt door de IJzervlakte onder water te zetten de situatie aan het front herschapen in een hopeloze modderboel. De ganse frontlijn loopt in enkele dagen onder water en de toenmalige frontlijn komt letterlijk voor jaren vast te zitten in een stellingenoorlog die nog tot november 1918 zou duren. Hierbij zouden ook aan Belgische kant 14.000 soldaten sneuvelen.

Lees het vervolg op deze link:

Het ontstaan van een klein Duits kerkhof op grondgebied Melle

Bron: Voor het opmaken van bovenstaand verslag werden onder andere onderstaande naslagwerken gebruikt, waarvoor dank.

  • http://forumeerstewereldoorlog.nl dat zelf zijn verhaal samenstelde uit onderandere onderstaande werken:
    • La Brigade Jean Le Gouin (1917).
    • Fuseliers de Dixmude - George Le Bail.
    • Dixmude - Charles Goffic (1915).
    • De IJzerslag 1914 - Marcel Senesael (1964).
  • Les Fuseliers Marins - Lepotier (1969) - Chapitre II: Pourquoi des Fuseliers Marins?
  • Dixmude - Fusilliers Marins - Charles le Goffic (1915)
  • Histoires des Troupes Territoriales en Belgique en 1914 - Groupement Clooten
  • Melle 1914-1918, 1940-1944 - Georges Van Oostende.
  • De Eerste Wereldoorlog op grondgebied Quatrecht - Rolande Van Heden.
  • Ik zal ze heel mijn leven horen roepen - Paul Neirinck 2014